Opbrengstverantwoording

Wijzigingen RJ 2021: opbrengstverantwoording en presentatie onderhanden projecten

Wijzigingen RJ 2021: opbrengstverantwoording en presentatie onderhanden projecten

13 januari 2021

Opbrengstverantwoording

Rechtspersonen die BW2 titel 9 toepassen hebben te maken met een update van opbrengstverantwoording in de jaarrekening. Opbrengsten dienen verwerkt te worden per prestatieverplichting en op basis van de transactieprijs. Voor presentatie van onderhanden projecten in de balans geldt dat één gesaldeerde post niet meer toegestaan is. Dit is van toepassing vanaf verslagjaren die aanvangen op of na 1 januari 2022.

Wijzigingen RJ 2021

Rechtspersonen die BW2 titel 9 toepassen hebben te maken met een update van opbrengstverantwoording in de jaarrekening. De RJ heeft namelijk nadere voorschriften opgenomen over de wijze waarop opbrengsten moeten worden verantwoord. Onder RJ 270 leidt de overdracht van economische risico’s en voordelen (“risk and reward”) tot het verantwoorden van opbrengsten. De RJ gaat meer uitgebreid in op opbrengstneming. Daarnaast is een veel toegepaste presentatie wijze van onderhanden projecten (presenteren in één saldo op de balans) aangepast in RJ 2021.

 

Dit geldt voor jaarrekeningen van rechtspersonen met groottecriteria micro, klein, middelgroot en groot. Verder zijn de wijzigingen van toepassing vanaf verslagjaren die aanvangen op of na 1 januari 2022.

 

Opbrengstverantwoording: prestatieverplichtingen

Belangrijk om te realiseren is dat een rechtspersoon opbrengsten dient te verwerken per afzonderlijke prestatieverplichting. Een prestatieverplichting betreft een toezegging in een overeenkomst tot levering van:

  • een te onderscheiden goed of dienst of een combinatie van goederen of diensten die gezamenlijk te onderscheiden zijn van overige toezeggingen in de overeenkomst; of
  • een reeks van te onderscheiden diensten die grotendeels hetzelfde zijn.

Prestatieverplichtingen moeten afzonderlijk worden onderscheiden indien:

  • de afnemer de voordelen van de goederen of diensten zelfstandig kan benutten, al dan niet gezamenlijk met middelen die de afnemer heeft of kan verkrijgen; en
  • de toezegging om de goederen of diensten te leveren is te onderscheiden van de overige in de overeenkomst opgenomen toezeggingen.

Mede op basis van het bovenstaande dient nagegaan te worden of sprake is van een afzonderlijke prestatieverplichting. Voorbeelden die de RJ nader heeft beschreven: opties van afnemers op bijkomende goederen of diensten, verstrekte garantie waarvoor de afnemer een dienst ontvangt, financiering verstrekt of verkregen van de afnemer.

 

Opbrengstverantwoording: transactieprijs

De omvang van een opbrengst werd eerder omschreven als de reële waarde van de tegenprestatie. Nu wordt genoemd het bedrag waarop de rechtspersoon verwacht recht te hebben in ruil voor het overdragen van toegezegde goederen of diensten, aangeduid als transactieprijs. In geval sprake is van meerdere prestatieverplichtingen in een overeenkomst, dient de totale transactieprijs aan de prestatieverplichtingen toe te worden gerekend naar rato van de waarde van de prestatieverplichtingen.

 

Ook indien in de verkoop variabele vergoedingen, financieringscomponenten of vergoedingen aan afnemers van goederen en diensten worden overeengekomen, is het goed om na te gaan of de opbrengstverantwoording hiervan anders moet zijn dan in het verleden het geval was.

 

Presentatie onderhanden projecten

Eveneens heeft de RJ een wijziging doorgevoerd voor RJ 2021 “Onderhanden projecten”. Dit ziet toe op de presentatie van onderhanden projecten in zowel de balans als de winst-en-verliesrekening

 

Presentatie van onderhanden projecten in de balans als één gesaldeerde post is niet meer toegestaan. Projecten met een debetstand moeten worden verwerkt als een actief en projecten met een creditstand als een verplichting. Dit kan leiden tot balansverlenging en heeft mogelijk effect op de toepassing van de omvangscriteria.

 

Projectopbrengsten moeten in de winst-en-verliesrekening als netto-omzet worden gepresenteerd, de optie om deze als “Wijziging in onderhanden projecten” te presenteren vervalt. Deze wijziging heeft geen effect op de toepassing van de omvangscriteria.

 

Overgangsbepalingen

De overgang per 1 januari 2022 is een stelselwijziging, die in beginsel retrospectief moet worden verwerkt (inclusief aanpassing van de vergelijkende cijfers). Om de overgang te vereenvoudigen geeft de RJ de volgende keuzemogelijkheden:

  • Prospectief verwerken: de nieuwe richtlijnen gelden alleen voor overeenkomsten aangegaan op of na 1 januari 2022;
  • Gedeeltelijk retrospectief verwerken: de wijzigingen worden toegepast op overeenkomsten die zijn aangegaan na een door de rechtspersoon te kiezen datum voor 1 januari 2022; of
  • Volledig retrospectief verwerken.

De wijze waarop de overgang wordt verwerkt moet worden toegelicht.

Let op: de gewijzigde bepalingen ten aanzien van presentatie en toelichting moeten retrospectief worden toegelicht, dus inclusief vergelijkende cijfers.

 

Contact

Heeft u vragen over de opbrengstverantwoording of de presentatie onderhanden projecten? Neem dan contact op met Stefan Schipper, per telefoon +040 240 9565 of per e-mail sschipper@joanknecht.nl.