Prinsjesdag: maatregelen ondernemingen

Prinsjesdag: maatregelen ondernemingen

21 september 2022

Op Prinsjesdag is het pakket Belastingplan 2023 gepresenteerd. Wij hebben de belangrijkste maatregelen per thema voor je samengevat. Hierbij zetten wij de belangrijkste maatregelen voor ondernemingen onder elkaar. Onder de Prinsjesdag maatregelen voor ondernemingen vallen o.a. afschaffing fiscale oudedagsreserve, verlagen schijfgrens vennootschapsbelasting en verhogen tarief vennootschapsbelasting.

IB-ondernemingen

Afschaffing fiscale oudedagsreserve (FOR)

Een ondernemer in de inkomstenbelasting kan door gebruik te maken van de fiscale oudedagsreserve (FOR) ieder jaar een deel van de winst reserveren voor een oudedagsvoorziening. Deze regeling wordt met ingang van 1 januari 2023 afgeschaft. Vanaf deze datum is het niet langer mogelijk een FOR verder op te bouwen. Een tot en met 31 december 2022 opgebouwde oudedagsreserve kan op basis van de huidige regels worden afgewikkeld.

 

Verlaging zelfstandigenaftrek

In het coalitieakkoord is afgesproken om de afbouw van de zelfstandigenaftrek, zoals al geregeld was in het Belastingplan 2020 en 2021, te versnellen en verder door te trekken. Inmiddels is besloten om verder versneld af te bouwen en het bedrag verder te verlagen.

 

De afbouw is zo vormgegeven dat de zelfstandigenaftrek met ingang van 2023 in verschillende stappen (inclusief de eerdere afbouw van de aftrek op basis van het Belastingplan 2020 en 2021) wordt verlaagd van € 6.310 in 2022 naar € 900 in 2027.

 

De verhoging van de zelfstandigenaftrek voor starters (de zogenoemde startersaftrek) blijft overigens ongewijzigd (€ 2.123).

 

Vpb-ondernemingen

Verlagen schijfgrens vennootschapsbelasting en verhogen tarief vennootschapsbelasting

De Nederlandse vennootschapsbelasting bestaat uit twee tariefschijven. Over de belastbare winst tot € 395.000 is in 2022 15% vennootschapsbelasting verschuldigd en over het meerdere 25,8%.

 

Voorgesteld wordt de schijfgrens te verlagen van € 395.000 naar € 200.000. Daarnaast wordt voorgesteld het tarief voor een belastbaar bedrag tot en met € 200.000 te verhogen van 15% naar 19%.

 

Tabel: Vpb-tarieven

 

2022 2023
Tarief schijf 1 15% 19%
Tarief schijf 2 25,8% 25,8%
Grens schijf 1 € 395.000 € 200.000

 

 

Afschaffing versoepeling gebruikelijkloonregeling innovatieve start-ups

Met ingang van 2017 is de zogenoemde gebruikelijkloonregeling versoepeld voor innovatieve start-ups met als doel het stimuleren van innovatieve start-ups door een verbetering van hun liquiditeitspositie. Voor de toepassing van de gebruikelijkloonregeling mag het belastbare loon van een belastingplichtige die ten minste 5% van de aandelen houdt in een innovatieve start-up en arbeid verricht ten behoeve van deze vennootschap wordt vastgesteld op het wettelijk minimumloon. Deze regeling mag maximaal drie jaar worden toegepast, waarna de normale regels voor de bepaling van het gebruikelijke loon weer gelden.

 

Initieel zou deze regeling vervallen per 1 januari 2022, tenzij de maatregel voor die datum positief zou worden geëvalueerd. De regeling is bij het Belastingplan 2022 met een jaar verlengd, omdat de evaluatie destijds nog niet was afgerond. De evaluatie heeft inmiddels plaatsgevonden en voorgesteld wordt de regeling per 1 januari 2023 af te schaffen. Wel wordt overgangsrecht opgenomen. Aanmerkelijkbelanghouders die in 2022 al gebruik maakten van de regeling kunnen de regeling blijven toepassen. De voorwaarden zoals die op 31 december 2022 gelden blijven in dat geval van toepassing voor de resterende duur waarin nog gebruik kan worden gemaakt van de versoepeling.

 

Oudedagsverplichting (ODV) aanwenden ter verkrijging van een lijfrente

Van 1 april 2017 tot en met 2019 was het mogelijk om het volledig in eigen beheer verzekerde deel van de opgebouwde pensioenaanspraak geruisloos om te zetten in een aanspraak ingevolge een ODV. In overgangsrecht is een aantal voorwaarden gegeven voor de afwikkeling van een ODV.

 

In de praktijk bleek de regeling onvoldoende ruimte te bieden voor belastingplichtigen die vijf jaar ouder zijn dan de AOW-gerechtigde leeftijd en om hen moverende redenen de vennootschap willen opheffen. Dat zou niet kunnen omdat de ODV in een periode van twintig jaar moet worden uitgekeerd. Gedurende die periode moet de vennootschap in stand worden gehouden. Voorgesteld wordt om het onder nader te stellen voorwaarden mogelijk te maken dat een ODV ook kan worden aangewend ter verkrijging van een lijfrente, een lijfrenterekening of een lijfrentebeleggingsrecht na het kalenderjaar waarin de leeftijd wordt bereikt die vijf jaar hoger is dan de AOW-gerechtigde leeftijd. De nader te stellen voorwaarden zijn overigens reeds opgenomen in een beleidsbesluit en zullen ongewijzigd blijven. Met dit wetsvoorstel wordt voorgesteld deze maatregelen te codificeren.

 

Belastingplan 2023

Lees hier alle maatregelen uit het belastingplan 2023 die op Prinsjesdag 2022 zijn gepresenteerd.

 

Vragen?

Neem gerust contact op met Dennis Sevenhoven, belastingadviseur, via e-mail of per telefoon op +31 (0)40 240 9532 of met een van onze specialisten die rechtsboven op deze pagina staan vermeld.