Financieel weerbaar: grip op je vermogen

Financieel weerbaar: grip op je vermogen

15 september 2022

Bij heftige tegenwind is het zaak dat jij en je onderneming zo min mogelijk risico lopen. We kunnen niet genoeg benadrukken hoe belangrijk financiële weerbaarheid hierbij is. Want hoe zorg je dat het faillissement van je grootste klant niet het einde betekent van jouw bedrijf? En mocht het al zo lopen, wat kun je dan nu doen om straks te kunnen doorstarten? En kun je daarbij jouw privévermogen wel gebruiken? Financiële weerbaarheid betekent dus ook grip op je vermogen.

Haal strategische bezittingen en (risicovolle) bedrijfsactiviteiten uit elkaar

Strategische bezittingen wil je, als het enigszins kan, op langere termijn beschikbaar houden. Denk aan vrij vermogen voor je pensioen. Of aan belangrijke machines of intellectueel eigendom van producten of werkprocessen (die belangrijk kunnen zijn bij een eventuele doorstart). Dit soort bezittingen wil je loskoppelen van de bedrijfsactiviteiten omdat je daar in de regel grotere risico’s mee loopt. Iedere onderneming riskeert immers langdurige negatieve exploitatie. Dit kan uiteindelijk leiden tot een faillissement. Daarnaast zijn er altijd branchespecifieke risico’s zoals de kans op productaansprakelijkheid, een claim of fiscale aansprakelijkheden.

 

Zet er een hek omheen en houdt de poort dicht

Maar hoe houd je strategische bezittingen en risicovollere activiteiten uit elkaar? Dat doe je door ze in verschillende BV’s onder te brengen. Je zet er dan een hek omheen waardoor risicovolle activiteiten de bezittingen niet kunnen raken. Het opzetten van een vennootschappelijke structuur is op zich niks nieuws. Toch leert de ervaring dat het bij veel bedrijven beter kan. Sowieso is het verstandig de structuur eens in de vier, vijf jaar tegen het licht te houden.

 

Transacties tussen de verschillende groepsvennootschappen kunnen zorgen voor onderling aansprakelijkheden of vorderingen en schulden. Er is dus ook een poort nodig. Dat is geen probleem als je die maar consequent sluit. Dus: onderlinge transacties moeten bedrijfseconomisch zijn onderbouwd. Onderlinge leveringen moeten tijdig worden voldaan. Een risicovolle werkmaatschappij mag geen vordering hebben op de BV met bezittingen. De holding die de werkmaatschappij financiert moet zekerheden vragen, net als de bank. En deze afspraken en werkwijzen moeten natuurlijk op de juiste wijze schriftelijk worden vastgelegd in overeenkomsten. Rekening courant, huur, managementfee; het moet allemaal contractueel worden geregeld.

 

Begin op tijd en hanteer een bestendige gedragslijn

Het veiligstellen van je vermogen en belangrijke bezittingen is dus niet iets wat je kan doen met zwaar weer in het zicht. Op zo’n moment is je bewegingsruimte beperkt. Volgt een faillissement, dan is de kans groot dat een curator één en ander terugdraait. Risicobeheersing en vermogensstructurering moet eigenlijk een vast onderdeel zijn van je bedrijfsvoering. Je begint er mee als de zaken goed gaan en zet dan een vaste lijn in. Zo kan de werkmaatschappij jaarlijks overtollig vermogen uitkeren aan de holding om daar een spaarpot op te bouwen; bedrijfseconomisch onderbouwd en met inachtname van eventuele afspraken met de bank. Heeft

de werkmaatschappij op enig moment geld nodig, dan kan de holding op dat moment besluiten of ze dat wil uitlenen op zakelijke voorwaarden. Mét zekerheden en periodieke rentebetaling en dus met zo min mogelijk risico.

 

Op deze manier haal je jaarlijks vermogen uit de risicosfeer terwijl je het nog bij de hand hebt voor latere investeringen of een doorstart in geval van faillissement. Zo houd je grip op jouw vermogen en jouw strategische bezittingen. Meer weten over dit onderwerp? Jouw vaste contactpersoon staat voor je klaar. Of ga naar één van onze recovery adviseurs.

 

Frank Driessen | +31 (0)40 240 9438 | fdriessen@joanknecht.nl

Ronny Buiting | +31 (0)40 240 9415 | rbuiting@joanknecht.nl 

Max Broekhuizen | +31 (0)40 240 9479 | mbroekhuizen@joanknecht.nl