Financiering: wat mag (en kun) je verwachten van je bank?

Financiering: wat mag (en kun) je verwachten van je bank?

15 september 2022

Zoals eerder aangeven: als het economisch minder gaat, is het goed te kijken naar financieringsmogelijkheden. Dus maak je de stap naar de bank. Maar wat kun je verwachten als het gaat om een (volgend) rentevoorstel? En hoe zit het met de financieringsrisico’s? Wat mag (en kun) je verwachten van je bank?

Financiering

De inflatie is momenteel enorm. De Europese Centrale Bank (ECB) streeft naar een langetermijninflatie van 2%. Om de huidige hoge inflatie te verlagen, past ze haar rentebeleid aan. De tweede grote rentestijging, met 0,75 procentpunt deze keer, was onlangs al een feit. Verdere rentestijgingen worden verwacht. Wat betekent dat voor jouw bedrijfsfinanciering?

 

Hoe beoordeelt de bank jouw financiering?

Het begint bij de manier waarop jouw bank jouw financiering beoordeelt. Hierbij gelden drie belangrijke pijlers. Ten eerste: is er geloof en vertrouwen in de te financieren onderneming? Daarbij kijken ze naar de ondernemer, het  trackrecord, in welke branche de onderneming actief is en of er vertrouwen is in het businessmodel? Ten tweede wordt de verdiencapaciteit beoordeeld. Met andere woorden: wordt er met voldoende zekerheid cash gegenereerd om te voldoen aan de financieringsverplichtingen, de aflossingen en de rentelasten? Ten derde kijkt de bank naar de zekerheden mocht de verdiencapaciteit toch onvoldoende blijken en de financiering moet worden uitgewonnen.

 

Bij nieuwe financieringen hanteert de bank altijd deze volgorde. Dat betekent dat sommige branches en ondernemers geen financiering krijgen, zelfs als de verdiencapaciteit en de zekerheden op orde zijn. Zekerheden zijn het sluitstuk van de beoordeling. Bij een groot vertrouwen in de onderneming en de ondernemer en voldoende cashgenererend vermogen, zijn zekerheden minder van belang. Bovendien zijn er in die situatie altijd nog staatsgaranties.

 

Bestaande financieringen en herzieningen van rente

Wat betreft de drie pijlers van een financieringsaanvraag: voor bestaande financieringen wordt de pijler zekerheden steeds belangrijker. Dalen de rendementen en groeien de risico’s voor de bank? Dan komen de zekerheden in beeld. Zorg dus dat die op orde zijn. De bank zal de financiering niet zomaar uitbreiden op basis van zekerheden. Maar het zorgt wel voor rust als de bank de financiering niet hoeft te stoppen vanwege gevreesde risico’s. Naar verwachting stijgen de rentetarieven voor bestaande financieringen. Dat komt door de stijgende rente en door aanpassingen van de opslagen die de bank hanteert op basis van het risicoprofiel. En ja, een bank mag eenzijdig de opslagen verhogen. Ook als er sprake is van een vaste rente. De algemene voorwaarden geven die mogelijkheid. Ten slotte: stuur altijd op bovengenoemde ratio’s. Zolang die goed blijven, is er geen aanleiding de opslagen te wijzigen. Maar veel ondernemingen bouwden in de afgelopen coronacrisis aanzienlijke schulden op. Daarbij komen nu de energiecrisis en de stijgende prijzen. Bij veel bedrijven staat de winst dus onder druk en neemt de financieringsbehoefte toe. Dit drukt weer op de ratio’s waardoor voor veel ondernemingen rentestijgingen onvermijdelijk zijn. Neem echter niet elke verhoging zo maar voor lief. Ben kritisch, vergelijk en ga eventueel in overleg met een andere (alternatieve) financier.

 

Veel gebruikte bancaire ratio’s

Bij de beoordeling gebruikt de bank ratio’s. Veelgebruikte ratio’s zijn:

  1. DSCR (debt service coverage ratio): de vrije kasstroom gedeeld door de totale rente- en aflossingsverplichtingen. Dit geeft inzicht in de mate waarin de onderneming aan haar financieringsverplichtingen kan voldoen. De bank wenst vaak een minimale DSCR van 1,2. Kortom, je kunt vanuit de vrije kasstroom 1,2 keer de financieringsverplichting betalen.
  2. Leverage ratio: de senior netto schuldpositie gedeeld door de EBITDA. De EBITDA wordt hier gezien als de beschikbare jaarlijkse kasstroom. De ratio zegt dus in hoeveel jaar de senior netto schuldpositie kan worden afgelost vanuit de jaarlijkse bruto kasstroom (voor investeringen). De bank wil vaak 3 tot 4 keer EBITDA financieren. Let op: in de senior netto schuldpositie houdt men ook rekening met overige, niet de door de bank verstrekte schulden en met vrije liquide middelen die de senior netto schuldpositie kunnen verlagen.
  3. Specifiek voor de beoordeling van bedrijfsmatige vastgoedfinancieringen hanteert de bank de ratio LTV (Loan to value). In de LTV ratio wordt de lening afgezet tegen de getaxeerde waarde van het vastgoed. Afhankelijk van het type commercieel vastgoed en de bancaire instelling wordt uitgegaan van een LTV ratio van 60% tot 80% van de getaxeerde vastgoedwaarde.
  4. Solvabiliteitsratio: het gecorrigeerde eigen vermogen (garantievermogen) gedeeld door het balanstotaal. Hier wordt dus niet uitgegaan van het zichtbaar eigen vermogen volgens de jaarrekening. De bank past correcties toe op het eigen vermogen. Voor bancaire doeleinden wordt bijvoorbeeld betaalde goodwill bij een aandelentransactie in mindering gebracht op het eigen vermogen en het balanstotaal. Een bij de bank achtergestelde lening wordt bij het eigen vermogen geteld. De financieringsovereenkomst licht meestal toe hoe het garantievermogen wordt bepaald. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de onderneming op lange termijn aan haar verplichtingen kan voldoen. Dit noemen we ook wel het weerstandsvermogen: in hoeverre kun je tegenvallers opvangen.Afhankelijk van het type onderneming hanteert de bank solvabiliteitsnormen. Indicatief onderstaand een normering per type onderneming.
  1. Liquiditeitsratio’s: vlottende activa (voorraden, vorderingen en liquide middelen) gedeeld door de kortlopende schulden. Een liquiditeitsratio geeft een indicatie of een onderneming op korte termijn aan de verplichtingen kan voldoen. We kennen twee smaken liquiditeitsratio’s: de current ratio en de quick ratio. De quick ratio is verfijning van de current ratio. In deze berekening wordt geen rekening gehouden met vlottende activa die niet snel in geld zijn om te zetten. Denk aan voorraden met een lage omloopsnelheid. Voor de current ratio hanteert de bank een norm van 1,2 tot 1,5 en voor de quick ratio een norm van 1. Onder 1 betekent immers een direct tekort aan liquide middelen.

 

De bank gebruikt deze ratio’s om te beoordelen of men überhaupt wil financieren. Maar ze zijn ook basis voor het bepalen van het rentepercentage. Dit is een zeer ondoorzichtig proces, zelfs voor bankmedewerkers. Banken hanteren systemen waarbij ze cijfers en beoordelingen invoeren. Vervolgens komt een renteopslag uit de black box. Eén ding is daarbij zeker: meer risico is meer opslag. Daarom is het, wanneer mogelijk, altijd verstandig een financieringsaanvraag bij meerdere banken neer te leggen. Zo valt er iets te vergelijken én te kiezen.

 

Heeft u vragen over de financieringsmogelijkheden -en risico’s?

Aarzel dan niet om contact op te nemen met uw vaste contactpersoon bij Joanknecht of één van onze recovery adviseurs.

 

Frank Driessen | +31 (0)40 240 9438 | fdriessen@joanknecht.nl

Ronny Buiting | +31 (0)40 240 9415 | rbuiting@joanknecht.nl 

Max Broekhuizen | +31 (0)40 240 9479 | mbroekhuizen@joanknecht.nl